Iedere dag heb jij ontzettend veel gedachten. Deze gedachten komen en gaan, maar hebben altijd een invloed op je gevoel en op je gedrag. Niet al je gedachten zijn helpend, soms heb je ook gedachten die juist tegen je werken. 

Iedereen heeft dit, of je nou een optimist of een pessimist bent. In deze blog leg ik uit wat denkfouten zijn en hoe jij hier meer inzicht in krijgt.

Wat zijn denkfouten nou precies?

Denkfouten zijn gedachten die de kracht hebben om ervoor te zorgen dat jij de waarheid niet als waarheid ziet. Kortgezegd neem je de werkelijkheid niet goed waar. Zoals eerder gezegd, heeft iedereen weleens een denkfout. Wanneer dit af en toe is, is dit geen probleem. Speelt dit echter structureel en zorgt het er vervolgens voor dat je er ‘last’ van krijgt, kunnen er problemen gaan ontstaan.

Denkfouten kunnen tot negatieve emoties leiden

Op het moment dat je vastzit in een bepaalde denkfout, kan dit leiden tot negatieve emoties. Deze emoties worden veroorzaakt door negatieve gedachten en dit zorgt er uiteindelijk voor dat jij niet lekker in je vel gaat zitten en onrust ervaart in je hoofd. 

Dit proces is er op een bepaald moment in je leven ingesleten, waardoor dit proces onbewust en automatisch verloopt. Het voelt alsof je in een negatieve cirkel zit, waardoor het lastig is ze te veranderen. Het herkennen van denkfouten bij jezelf is een eerste stap om meer inzicht en bewustzijn hierover te krijgen. Hieronder zal ik de meest voorkomende denkfouten met je bespreken. 

De 12 meest voorkomende denkfouten

  1. Alles-of-niets denken: je ziet een situatie op maar twee manieren. Het is of het één óf het ander. 

Een voorbeeld: ‘’Ik het niet waard, dus ik heb gefaald.’’

  1. Rampdenken: Bij deze denkfout heb je een negatieve toekomstverwachting en zie je niet de uitkomsten die waarschijnlijker zijn dat ze gebeuren. Je denkt dus dat je worst case scenario zal uitkomen. 

Een voorbeeld: ‘’Ik zal zo gefrustreerd raken, dat ik niet meer kan functioneren.’’

  1. Diskwalificeren van het positieve: Je geeft geen aandacht aan het positieve, waardoor alleen het negatieve over zal blijven. Alle positieve ervaringen, kwaliteiten en handelingen worden naar de achtergrond geschoven.

Een voorbeeld: ‘’Ik heb mijn doel behaald, maar dat wil nog niet zeggen dat ik mijn volgende doel ook ga halen. Ik heb gewoon geluk gehad.’’

  1. Emotioneel redeneren: Je gaat alleen af op je gevoelens en interpreteert dit als waarheid en negeert alle rationele overwegingen die eventueel het tegendeel bewijzen. 

Een voorbeeld: ‘’Ik weet dat ik bepaalde dingen goed doe, maar elke keer komt het erop neer dat ik me mislukt voel.’’

  1. Stigmatiseren: Bij deze denkfout denk je te kort door de bocht want je labelt anderen of jezelf te direct en zonder genoeg bewijs. 

Een voorbeeld: ‘’Zij is een asociaal persoon.’’ 

  1. Overdrijven/minimaliseren: Je gebruikt een onredelijke manier van redeneren waarbij positieve dingen worden geminimaliseerd en negatieve dingen worden overdreven. 

Een voorbeeld: ‘’Dat ik al mijn doelen behaal, wil nog niet zeggen dat ik goed bezig ben.’’

”How you think affects how you live”

  1. Selectief abstraheren: De focus ligt vooral op de negatieve details waarbij er geen aandacht wordt besteed aan het volledige beeld.

Een voorbeeld: ‘’Wanneer ik vandaag niet genoeg fruit heb gegeten, verlies ik mijn weerstand.’’

  1. Gedachten lezen: Je vult voor een ander in wat deze persoon denkt, zonder dat je andere opties in overweging neemt.

Een voorbeeld: ‘’Zij denken dat ik mijn doelen niet ga halen.’’ 

  1. Overgeneraliseren: Bij deze denkfout beoordeel je een situatie erger dan het in werkelijkheid is. 

Een voorbeeld: ‘’Ik kan mijn doelen niet meer bereiken, omdat ik een mindere dag heb gehad.’’

  1. Het zou-moeten-denken: Je hebt een vaststaand, strikt idee van hoe iemand zich moet gedragen. 

Een voorbeeld: ‘’Zij moet op tijd komen, want anders is zij niet in mij geïnteresseerd’’

  1. Personaliseren: Je projecteert het gedrag van anderen op jezelf als feit of waarheid.

Een voorbeeld: ‘’Wanneer ik op straat een paar mensen zie spreken dan praten ze over mij.’’ 

  1. Tunnelvisie: Je legt de focus op één van een situatie en vaak is dit een negatief aspect. 

Een voorbeeld: ‘’Ik krijg altijd alleen maar kritiek en nooit waardering.’’

En hoe nu verder?

Je weet nu meer over denkfouten, welke denkfouten er zijn en hoe deze denkfout er in de praktijk uit kan zien. Ik ben heel benieuwd: welke denkfout herken je bij jezelf? Schrijf deze eens op, zodat je hier direct mee aan de slag kan gaan. 

Op het moment dat jij inzicht krijgt in je denkfouten, kun je jezelf actief afvragen welk bewijs je hebt voor een denkfout. Vaak kom je er dan achter dat deze denkfout niet waar is en je jezelf voor de gek houdt. Je vult bijvoorbeeld iets voor een ander in, of je legt alleen de focus op negatieve punten terwijl er ook zeker positieve punten zijn. 

Oefening

Schrijf gedachtes op waar jij regelmatig last van hebt of die regelmatig opkomen. Vervolgens schrijf je op welke denkfout hierbij hoort en hoe je deze gedachte kunt omzetten naar een meer helpende gedachte die je ook daadwerkelijk kunt geloven. Maak hierbij onderscheid tussen gedachten en gevoelens, omdat de focus nu eerst ligt op gedachten en niet op gevoelens. Wanneer je merkt dat je verdriet of angst voelt, hoef je dit niet te onderdrukken. Gevoelens mogen er altijd zijn en zijn dus nooit ‘fout’. De gedachte die dit gevoel (angst of verdriet) veroorzaakt, kan wel verkeerd zijn. 

Voorbeeld 

Gedachte: ’Wanneer ik vandaag niet genoeg fruit heb gegeten, verlies ik mijn weerstand.’’

Denkfout: Selectief abstraheren

Redelijke gedachte: Ik heb geen aanwijzingen dat ik mijn weerstand ga verliezen, dus ik laat deze gedachte los en weet dat er morgen weer een nieuwe dag is.